Vandaag verschijnt “Relativi-tiet”, het tweede boek van Linda Gresnigt-van Luinen. ‘Een handleiding voor beginners in de wereld van chemotherapie’, aldus Linda. In haar eerste boek “Positivi-tiet” beschreef ze eerlijk en vol humor de achtbaan van emoties waarin ze terechtkwam nadat er bij een bevolkingsonderzoek een afwijking werd gevonden in haar borst. Met haar nieuwe boek wil ze anderen helpen de chemoperiode zo goed mogelijk door te komen, ‘Met praktische tips, verbeelding, een vleugje positivi-tiet en vooral veel relativi-tiet’. Speciaal voor Shit or Shine schreef Linda deze column:
‘De periode ná kanker verdient een eigen hoofdstuk’
Deze column had ik aan mezelf willen schrijven. Ik had hem zó graag willen krijgen, ergens halverwege mijn achtbaan zonder veiligheidsbeugel. Maar vandaag schrijf ik hem alsnog voor mezelf en voor iedere vrouw die na de behandelingen denkt: oké… en nu? Want dát is het moment waar we het te weinig over hebben.
De chemo’s stoppen. De bestralingen zijn klaar. De controles worden minder. En de wereld verwacht voorzichtig applaus en daarna een soepele terugkeer in het “normale leven”. Maar wat als normaal nergens meer te vinden is? Wat als je lijf moe is, je hoofd voller dan ooit en je hart nog steeds probeert bij te benen wat er allemaal is gebeurd?
Herstel begint niet bij de laatste infuuszak, maar juist daarna. Omdat de periode ná kanker een eigen hoofdstuk verdient. Een hoofdstuk waarin je fysiek en mentaal opnieuw leert bewegen in je leven. Shit happens — en soms in de meest brute vorm. Dat ga ik niet mooier maken dan het is. Het is een hell of a ride. Er zijn dagen geweest waarop ik dacht: waar ben ik in beland? Dagen waarop ik boos was. Bang. Moe tot in mijn botten.
Dan komt het opgewekte ‘je bent zo sterk!’ waar je soms van wilt uitschreeuwen: ‘Dat ben ik niet, dat moet ik zijn!’ Gevolgd door de shine – een dieper, zachter stralen, het moment waarop je beseft: ik ben er nog. Ik adem. Mijn hart klopt. Dat alleen al is winst.
‘Een last die gedeeld wordt, wordt misschien niet kleiner, maar wel lichter’
Wat ik heb geleerd, en wat ik graag wil doorgeven, is dat je dit niet alleen hoeft te dragen. Laat mensen koken. Laat ze rijden. Laat ze luisteren. Een last die gedeeld wordt, wordt misschien niet kleiner, maar wel lichter. En precies daarom bouw ik aan een community. Met blogs die eerlijk zijn. Met tips en handvatten. Met omdenken in situaties waarin het voelt alsof de hele wereld onder je vandaan kan vallen. Lotgenoten die begrijpen dat “je bent toch beter?” niet hetzelfde is als hersteld zijn.
Ik heb moeten leren vertrouwen op mijn lichaam. Dat lijf dat zoveel aankon, kinderen dragen, stress overleven, liefhebben, werken, vallen en weer opstaan. Soms verraste het me. Soms stelde het me teleur. Soms voelde het als een vreemde. Maar het is míjn lijf. En wat er ook veranderde aan mijn borsten, mijn littekens of mijn spiegelbeeld, mijn waarde veranderde niet mee. Juist dit wil ik hardop blijven zeggen.
‘Beide mogen naast elkaar bestaan’
En tegen jou zeg ik: Je bent niet minder vrouw. Je ben niet minder mooi en je bent zeker niet minder compleet. Je hoeft het niet te doen zoals iemand anders het doet. Jij bepaalt het tempo. Jij mag pauzeren. Jij mag versnellen. Jij mag op een dag denken: vandaag voel ik me nog steeds shit. En op een andere dag: hé, daar is een sprankje shine.
Misschien is dat wel de grootste winst: dat beide naast elkaar mogen bestaan.
Als ik terugkijk, had ik soms iemand nodig die even zijn of haar geloof in mij uitleende. Iemand die zei: ook al zie jij het niet, ik zie jouw kracht. Laten we elkaar dragen, samen lachen om de absurditeit en samen stil zijn als woorden ontbreken.
We genezen niet alleen. We herstellen niet alleen en shinen maakt meer impact wanneer we dit samen doen.
