Naar aanleiding van de Online Summit rond Wereldkankerdag ontvingen we veel vragen. Vooral het onderwerp voeding en dan met name het eten van soja kwam daarin een aantal keer terug. Anouk Bleekemolen is ervoor gaan zitten en heeft jullie vragen beantwoord. Bedankt Anouk! Hieronder hebben we een aantal vragen én antwoorden verzameld, zodat je ze kunt teruglezen. Wie weet zit ook het antwoord op jouw vraag ertussen!
Vraag 1: Bewerkt vlees is niet goed, dat is duidelijk. Maar hoe zit dat met vis? Bijvoorbeeld gerookte zalm? En zo heb je meer gerookte vis. Is dat niet erg?
Antwoord: Waar het bij bewerkt vlees heel duidelijk is dat dit wordt afgeraden, ligt dat bij vis genuanceerder. Vis valt niet onder bewerkt vlees. Wel weten we dat gerookte vis PAK’s bevatten. Dat zijn Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen: stoffen die ontstaan bij roken en grillen en die in verband worden gebracht met DNA-schade en (darm)kanker. Daarnaast bevat bewerkte vis vaak veel zout.
Vette onbewerkte vis valt nog binnen de Richtlijnen Goede Voeding, vooral vanwege de omega-3 vetzuren. Tegelijkertijd zijn er wel toenemende vragen over vervuiling, zoals PFAS, microplastics en PCB’s. Dat is nog volop onderwerp van onderzoek.
Omega-3 vetzuren kun je overigens ook goed halen uit gemalen lijnzaad, chiazaad, walnoten en een algenolie-supplement (EPA en DHA). Dat is gunstiger voor milieu en dierenwelzijn en brengt minder gezondheidsrisico’s met zich mee.
Vraag 2: Hoe zorg je voor een gunstig microbioom in je darmen? Kun je meer doen dan vezels eten?
Antwoord: Je darmmicrobioom gezond houden doe je inderdaad met vezels, maar vooral met variatie in vezels. Dus niet één soort vezel (zoals psyllium uit een potje), daar kunnen je darmbacteriën relatief weinig mee. Wat ze wél nodig hebben, is een breed aanbod uit verschillende voedingsmiddelen: groenten, fruit, volkoren granen, peulvruchten, noten en zaden. Hoe meer variatie, hoe gunstiger voor je microbioom.
Daarnaast zijn er meer factoren die invloed hebben. Alcohol werkt bijvoorbeeld ongunstig op het microbioom. Ook sommige zoetstoffen kunnen een negatieve invloed hebben. En wat vaak wordt onderschat: stress, slaap (of het gebrek daaraan) en beweging spelen een grote rol. Je darmen reageren niet alleen op wat je eet, maar ook op hoe belast je systeem is.
Vraag 3: Ik kreeg in april hormoongevoelige borstkanker en opnieuw in december. Ondanks afvallen en beter eten krijg ik mijn slechte cholesterol niet naar beneden. Helpen cholesterolpillen om te voorkomen dat kanker hierdoor voeding krijgt?
Antwoord: Ik begrijp heel goed dat je angstig bent voor een terugkeer van de kanker en dat je er alles aan wilt doen om de kans op recidive zo klein mogelijk te maken. Dat is heel menselijk en je staat daarin zeker niet alleen. Je stelt een goede en terechte vraag, maar het eerlijke antwoord is dat deze niet zwart-wit te beantwoorden is.
Wanneer je in de overgang raakt en je oestrogeenspiegel daalt, zien we vaak dat het cholesterol stijgt. Dat is een natuurlijk mechanisme waar je zelf maar beperkt invloed op hebt. Hetzelfde geldt wanneer je anti-hormonale therapie gebruikt, zoals aromataseremmers: doordat het oestrogeen in het lichaam sterk daalt, stijgt bij veel vrouwen het LDL-cholesterol. Dit is ook één van de redenen waarom het risico op hart- en vaatziekten na borstkanker toeneemt. Daarom is het goed dat hier nu al aandacht voor is.
Het is verstandig om je cholesterolwaarden goed te blijven volgen, zeker als je erfelijk belast bent. Of cholesterolverlagers in jouw situatie zinvol zijn, is echt iets om samen met je arts te bespreken.
Vraag 4: Er werd gezegd dat veel vrouwen met borstkanker sterven aan hartproblemen. Is meer soja en dus ook fyto-oestrogeen een oplossing?
Antwoord: Ook hierop is het antwoord niet zwart-wit. In Nederland krijgen vrouwen vóór en na chemotherapie bij borstkanker hartcontroles bij de cardioloog. Chemotherapie kan belastend zijn voor het hart en bestraling in het borstgebied kan littekenweefsel veroorzaken, wat invloed kan hebben op de hartfunctie. Dat maakt goede opvolging extra belangrijk.
Over soja: soja heeft een milde, regulerende werking op oestrogeenreceptoren en werkt vergelijkbaar met een SERM zoals tamoxifen. Uit grote onderzoeken weten we dat soja bij vrouwen met borstkanker veilig is en mogelijk zelfs gunstige effecten heeft op overleving en hartgezondheid.
Tot slot: hoe gezonder je eet en hoe beter je stressbelasting in balans is, hoe gunstiger dat is voor je herstel en je algehele gezondheid. Plantaardige voeding kan helpen om ontstekingswaarden te verlagen, maar voeding is nooit de enige factor. Stress, angst en slaap spelen minstens zo’n grote rol. Als je continu gespannen bent over of je het wel “goed genoeg” doet, werkt dat juist tegen je.
Probeer daarom naast alles wat je al doet ook bewust ontspanning op te zoeken, wandelen in de natuur, ademhaling, meditatie of andere vormen die bij jou passen. Herstel is altijd een én-én verhaal, geen checklist die je perfect moet afvinken.
Vraag 5: In welke periode sterven de meeste mensen met borstkanker aan hart-en vaatziekten? En hoe ga je dat tegen?
Antwoord: Wat betreft hart- en vaatziekten: dat risico neemt bij iedereen toe met het ouder worden. Bij mensen die borstkanker hebben gehad, zien we dat dit risico soms wat hoger ligt, zeker als er chemotherapie is gebruikt die belastend kan zijn voor het hart, of als er bestraling in het hartgebied is geweest (al is dat risico de afgelopen jaren gelukkig flink verminderd door betere technieken).
Daarom is het juist in de jaren na de behandelingen belangrijk om aandacht te hebben voor hartgezondheid. Dat betekent: een gezonde leefstijl met passende beweging, plantaardig en vezelrijk eten, voldoende rust en stressregulatie, en waar nodig medische opvolging. Het is geen kwestie van één maatregel, maar altijd een combinatie.
Vraag 6: Klopt het dat biologische kippen geen gemodificeerd voedsel krijgen? En hoe zit het met het soja-gehalte? Kun je na borstkanker veilig biologische eieren eten?
Antwoord: Binnen de Europese regelgeving mogen biologische kippen géén genetisch gemodificeerd voer krijgen. Biologisch voer kan wel soja bevatten, maar dan biologische (dus niet-GMO) soja. Eieren bevatten zelf geen soja; het gaat hierbij dus om wat de kip gevoerd krijgt.
Bij GMO-gewassen wordt het DNA aangepast om bepaalde eigenschappen te verkrijgen, bijvoorbeeld resistentie tegen specifieke bestrijdingsmiddelen zoals Round-up. De vraag is of het GMO-deel schadelijk is voor ons, of dat er doordat er bestrijdingsmiddelen zoals Round-up gebruikt kunnen worden op gewassen het probleem zijn. Ik woon zelf in agrarisch gebied, en ik zie het elk jaar weer. GMO mais wordt 2x bespoten met Round-up om het onkruid weg te houden. Met alle gevolgen van dien.
Of eieren “veilig” zijn om te eten is altijd een complexe vraag. Bij voeding gaat het vrijwel nooit om één product op zichzelf, maar om de dosis én het totale voedingspatroon. Je kijkt altijd naar het hele leefpatroon van iemand: overwegend plantaardige voeding, voldoende vezels, gezond gewicht, voldoende beweging, goede stressregulatie en weinig tot geen alcohol. Binnen zo’n patroon kunnen eieren met mate passen. Tegelijkertijd zijn er betere plantaardige alternatieven voor eiwitten, zoals peulvruchten, tofu/tempeh, noten, zaden en diverse vleesvervangers.
Een extra aandachtspunt bij eieren zijn eieren van particulieren en hobbykippen. Uit onderzoek blijkt dat deze, afhankelijk van de bodem, zeer hoge concentraties PFAS kunnen bevatten.
Vraag 7: Ik heb een traagwerkende schildklier gekregen door de behandeling. Nu lees ik dat soja niet goed is voor je schildklier. Wat is hiervan waar?
Antwoord: Dit is inderdaad een vraag die ik vaker krijg als het over soja gaat, dus fijn dat je hem stelt. Soja is geen probleem bij een normale jodiuminname en een goed ingestelde schildklierfunctie. Ook bij een traagwerkende schildklier is er geen bewijs dat normale hoeveelheden soja de functie verslechteren. Wat wél belangrijk is, is dat je voldoende jodium binnenkrijgt.
Voor volwassenen is de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) jodium ongeveer 150 microgram per dag. In Nederland krijgen de meeste mensen dit via brood (bakkerszout met jodium) en daarnaast minimale hoeveelheden via zuivel en vis. Eet je weinig of geen van deze producten, of kies je vooral voor biologisch brood (waar geen gejodeerd zout in zit), dan is het verstandig om je jodiuminname extra aandacht te geven.
Je kunt dagelijks een nori-vel eten. Maar veel makkelijker is een supplement van 150 microgram jodium per dag innemen. Kies liever geen kelpsupplementen, omdat de hoeveelheid jodium daarin sterk kan wisselen. Zelf gebruik ik een variant op basis van knotswier van Vitals, maar er zijn meerdere betrouwbare opties.
Gebruik je schildkliermedicatie? Dan geldt sowieso dat je die op een lege maag inneemt en niet combineert met voeding. Dat is niet specifiek voor soja, maar geldt voor alle voeding.
Vraag 8: Ik ben behandeld voor borstkanker en heb na de operatie, bestralingen en chemo’s veel last van oedeem in mijn borst, arm en schouder. Daarnaast heb ik neuropathie in handen en voeten waar geen pijnstilling tegen helpt. Ik ben inmiddels afgekeurd. Werkt hypnose hierbij?
Antwoord: Wat naar dat je zoveel klachten ervaart na alles wat je al hebt doorgemaakt! Ben je al in behandeling bij een gespecialiseerde oedeemtherapeut? Dit is echt de basis. Lymfedrainage en compressietherapie is de primaire aanpak en een goede therapeut kijkt ook naar wat jij zelf kunt doen om de klachten te beïnvloeden.
Neuropathie is een veelgehoorde klacht, en helaas ook een lastige. Wat de moeite waard is om te kijken naar 2 specifieke supplementen; foliumzuur en vitamine B12. Deze vitamines ondersteunen het zenuwstelsel en kunnen helpen bij herstel van neuropathie. Vooral in de eerste fase van herstel is dit erg belangrijk.
Hypnotherapie kan worden ingezet bij chronische pijnklachten, ook bij neuropathische pijn. Hoe het werkt is dat je met hypnose je zenuwstelsel beïnvloed hoe het pijnsignalen verwerkt. De oorzaak gaat misschien niet weg, maar je pijnervaring wordt minder of verdwijnt helemaal.
Iets wat je nu al zelf kunt doen: ga een week bijhouden wanneer de klachten zwaarder of lichter zijn. Let op stress, slaap, beweging en sociale momenten. Je zult waarschijnlijk merken dat er meer variatie is dan het lijkt, en die variatie geeft aanknopingspunten, ook voor een hypnotherapeut om mee aan de slag te gaan.